|
Article on other languages:
|
Apotheek is de naam van de plek waar men medicijnen verkoopt en (tegenwoordig steeds minder) vervaardigt. Het woord apotheek komt uit het Grieks en betekent 'bergplaats'. Het werd vroeger gebruikt voor de ruimte (apotheca) in een klooster waar de geneeskrachtige kruiden werden bewaard. Tot ca begin 1900 combineerde een arts dikwijls het beroep van apotheker. De opleiding aan de universiteiten was toen overigens grotendeels gelijklopend. De opleidingen zijn uit elkaar gegroeid door de enorme toename van kennis over het functioneren van het menselijk lichaam (artsen) en de komst van patentgeneesmiddelen (apothekers). Patentgeneesmiddelen zijn geneesmiddelen die steeds vaker synthetisch gemaakt worden en niet meer uit de natuur afkomstig zijn (zie bijvoorbeeld Aspirine dat oorspronkelijk afkomstig is uit wilgenbast). De Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP) is de beroeps- en brancheorganisatie van Nederlandse apothekers.
AlgemeenEen apotheek heeft tot taak medicijnen die door artsen worden voorgeschreven aan de patiënten te verstrekken. Ook medicijnen die zonder voorschrift te verkrijgen zijn, worden door de apotheek afgeleverd. Deze geneesmiddelen heten zelfzorggeneesmiddelen (ook wel: OTC-geneesmiddelen; Over The Counter). Omwille van de volksgezondheid mogen deze middelen slechts worden verstrekt door personeel dat hiervoor een opleiding heeft gevolgd. Een apotheker kent de toepassing, de wijze van gebruik van de middelen die hij of zij verstrekt en de mogelijke risico's van het gebruik van het middel in combinatie met andere middelen (die soms door andere artsen aan dezelfde patiënt zijn voorgeschreven), bekend als wisselwerking. Apothekers zijn ook de deskundigen bij uitstek op het gebied van bijwerkingen en het gebruik tijdens zwangerschap of borstvoeding. Meestal verkoopt men in een apotheek ook dermatologische cosmetica, homeopathische middelen, fytotherapeutica, medische hulpmiddelen voor thuiszorg etcetera. Soorten apothekenEr bestaan 2 verschillende soorten apotheken. De apotheken die medicatie en medische hulpmiddelen leveren aan patiënten in het ziekenhuis (intramurale zorg) en de apotheken die leveren aan patiënten buiten het ziekenhuis (extramurale zorg). Intramurale farmaceutische zorg:
Extramurale farmaceutisch zorg:
Openbare apotheken in BelgiëEen openbare apotheek heet in België ook wel officina. Het aantal officina's in België is beperkt door de vestigingswetgeving. De hoofdapotheker van zo'n officina heet een titularis of provisor, die al dan niet de eigenaar is. Apothekers die in dienst werken bij een titularis, heten adjunct-apotheker. Er kunnen ook apotheek-assistenten werken in een officina. Die hebben geen diploma van apotheker en mogen ook niet alle taken uitvoeren die een apotheker wel mag. Alle taken die zij uitvoeren moeten onder toezicht van een gediplomeerde apotheker gebeuren. Er mogen maximaal vier assistenten aanwezig zijn per apotheker. Stagiairs werken ook onder toezicht van een apotheker en zijn nog in opleiding. EthymologieHet woord bodega is ontstaan uit het Griekse apotheka wat letterlijk bergplaats betekent. Het is dus hetzelfde woord als apotheek, zoals een dokter vanouds zijn voorraadkast noemde. SymbolenDe twee symbolen die het meest worden geassocieerd met een apotheek zijn de mortier en stamper en het ℞ (recept) karakter, dat meestal als "Rx" wordt geschreven in getypte tekst. Een typisch Nederlands symbool, dat steeds zeldzamer wordt en ook wordt gebruikt door drogisten in Nederland is de Gaper. Farmaceutische organisaties gebruiken vaak ook andere symbolen, zoals b.v. het groene Griekse Kruis of de Schaal van Hygieia, in hun logos. In andere landen worden ook andere symbolen gebruikt, zoals een rode Gothische letter A in Duitsland en Oostenrijk. Externe links
More about Apotheek: antwerpen apotheek, apotheek van wacht, |
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.