|
Article on other languages:
|
Let op: de namen bij de afbeeldingen in dit artikel zijn Engelstalig en wijken doorgaans af van de Nederlandstalige nomenclatuur IUPAC-nomenclatuur is een systematische manier om chemische verbindingen te benoemen zoals die door de International Union of Pure and Applied Chemistry (IUPAC) wordt voorgestaan. Vooral in de organische chemie wordt het systeem toegepast, maar met het complexer worden van de stoffen in de anorganische chemie wordt ook daar het gebruik van systematische namen belangrijker. In het ideale geval zou iedere organische verbinding slechts een naam hebben waarmee eenduidig de structuurformule getekend kan worden. In de IUPAC-nomenclatuur worden een aantal voorvoegsels, achtervoegsels en tussenvoegsels gebruikt om het type en de positie van de functionele groepen in de stof te beschrijven.
Organische chemieAlkanenLineaire ketens alkanen krijgen het achtervoegsel "-aan" en met een voorvoegsel dat afhangt van het aantal koolstof atomen in de keten, volgens onderstaande tabel:
Bijvoorbeeld de eenvoudigste alkaan is CH4 methaan en de alkaan met 9 koolstofatomen CH3(CH2)7CH3 wordt nonaan genoemd. Vertakte alkanen worden benoemd naar de langste lineaire keten met daaraan gekoppeld een alkylgroep. Een voorvoegsel geeft het nummer aan aan welk koolstofatoom de groep is verbonden, geteld vanaf het begin van de keten. Dit wordt gevolgd door de naam van de substitutie (volgens de tabel hierboven) plus "-yl". Bijvoorbeeld (CH3)2CHCH3, algemeen bekend als isobutaan, wordt behandeld als een propaanketen met een methylgroep verbonden aan het middelste (2) koolstofatoom en krijgt de systematische naam 2-methylpropaan. Het getal mag worden weggelaten als er geen misverstanden kunnen ontstaan, dus 2-methylpropaan is gewoon methylpropaan. (1-methylpropaan zou gelijk zijn aan butaan). Als er dubbelzinnigheid is over de positie van de substitutie, afhankelijk van welk einde van de alkaanketen als "1" geteld wordt, dan wordt de nummering zo gekozen dat het laagste nummer het eerst in de naam gebruikt wordt. Bijvoorbeeld (CH3)2CHCH2CH3 (isopentaan) wordt 2-methylbutaan genoemd, niet 3-methylbutaan. Daar in dit geval geen dubbelzinnigheid is, wordt het getal weggelaten. Als er meerdere zijtakken van gelijke lengte zijn, dus dezelfde alkylgroep, dan worden hun posities gescheiden door komma's en de groepnaam met het voorvoegsels di-, tri-, tetra-, etc., afhankelijk van het aantal alkylgroepen (bijv. C(CH3)4 2,2-dimethylpropaan). Als de groepen verschillend zijn worden ze in alfabetische volgorde opgesomd. De plaatscijfers staan voor de groepen waar ze bijhoren, tussen cijfers en namen komen verbindingsstreepjes (bijv. 3-ethyl-4-methylhexaan). De langst mogelijke lineaire alkaanketen wordt gebruikt; daarom 3-ethyl-4-methylhexaan in plaats van 2,3-diethylpentaan, hoewel beiden gelijke structuren beschrijven. Zijtakken met een eigen zijtak worden behandeld als een enkele substitutie, waarbij deze tussen haakjes verder wordt uitgewerkt. Bijvoorbeeld 4-(1-methylpropyl)octaan is een octaan keten met een zijtak verbonden aan het 4e koolstofatoom, waarbij de zijtak bestaat uit een propylgroep met een methylgroep die verbonden is aan het koolstofatoom dat het dichtst zit aan de hoofdketen. Cyclische alkanen krijgen eenvoudigweg het voorvoegsel "cyclo-", bijvoorbeeld C4H8 is cyclobutaan en C6H12 is cyclohexaan. Alkenen en AlkynenAlkenen worden genoemd naar de basisalkaan met het achtervoegsel "-een" (in plaats van "-aan") en een tussenvoegsel voor de positie van het dubbel gebonden koolstofatoom in de keten: CH2=CHCH2CH3 is 1-buteen. Etheen (ethyleen) en propeen behoeven geen tussengevoegde posities, daar er geen dubbelzinnigheid is de structuren. Zoals eerder geldt dat de laagst mogelijke nummers worden gebruikt. Meerdere dubbele bindingen krijgen de vorm -dieen, -trieen, etc., met een extra "a" achter de basis: CH2=CHCH=CH2 is 1,3-butadieen. Simpele cis- en trans-isomeren worden aangeduid door de voorvoegsels cis- of trans-: cis2-buteen, trans2-buteen. Complexere geometrische isomerisaties worden beschreven door de Cahn-Ingold-Prelog prioriteitsregels. Alkynen worden volgens hetzelfde systeem benoemd, met het achtervoegsel "-yn" ter aanduiding van de drievoudige band: ethyn (acetyleen), propyn (methylacetyleen). AlcoholenBij alcoholen (R-OH) wordt het achtervoegsel "-ol" toegevoegd aan de basisalkaan waarbij de dubbele "aa" wordt vervangen door en enkele "a" met daarbij een tussenvoegsel voor de positie van de -OH groep: CH3CH2CH2OH is propan-1-ol. (Methanol en ethanol zijn ondubbelzinnig en behoeven geen positie nummers). De achtervoegsels -diol, -triol, -tetraol, etc. worden gebruikt voor meerdere -OH groepen: Etheenglycol CH2OHCH2OH is ethaan-1,2-diol. Als een functionele groep met een hogere rangorde aanwezig is (zie rangorde van groepen hieronder), wordt het voorvoegsel "hydroxy-" gebruikt met de bijbehorende positie: CH3CHOHCOOH is 2-hydroxypropaanzuur. HalogeenverbindingenHalogenen krijgen als voorvoegsel de betreffende positie en fluor-, chloor-, broom-, jodium-, etc., afhankelijk van de halogeen, Wanneer er meer dan één groep van een bepaald halogeen aanwezig is, worden de voorvoegsels di-, tri-, etc. gebruikt. CHCl3 (chloroform) is trichloormethaan. Ongelijke groepen worden zoals altijd op alfabetische volgorde geplaatst. Het verdovingsmiddel CF3CHBrCl is 2-broom-2-chloor-1,1,1-trifluorethaan. KetonenKetonen (R-CO-R) krijgen het achtervoegsel "-on" met als tussenvoegsel de positie: CH3COCH3 (aceton) is propan-2-on. Als een achtervoegsel met een hogere rangorde wordt gebruikt, krijgt het het voorvoegsel "oxo-": CH3CH2CH2COCH3CHO is 3-oxohexanal. AldehydenAldehyden (R-CHO) krijgen het achtervoegsel "-al". Een positienummer is niet nodig - indien de aldehydefunctie de hoogste rangorde heeft - daar een aldehydefunctie zich altijd aan het eind van de alkaanketen bevindt: HCHO (formaldehyde) is methanal, CH3CHO (aceetaldehyde) is ethanal. Heeft de aldehydefunctie niet de hoogste rangorde dan is een positienummer wel noodzakelijk, zie 3-oxopropaanzuur. Als er geen andere functionele groepen aanwezig zijn wordt de keten genummerd zodanig dat het koolstofatoom van de aldehydefunctie positie "1" heeft. Als de vorm van een voorvoegsel vereist is wordt "oxo-" gebruikt (zoals voor ketonen), met het positie nummer als het einde van de keten:: CHOCH3COOH is 3-oxopropaanzuur. Als het koolstofatoom in de carbonylgroep niet onderdeel is van de keten (bijvoorbeeld in het geval van cyclische aldehydes), wordt het voorvoegsel "formyl-" of het achtervoegsel "-carbaldehyde" gebruikt: C6H11CHO is cyclohexaancarbaldehyde. CarbonzurenCarbonzuren (R-COOH) krijgen het achtervoegsel "-zuur". Net als voor aldehydes nemen zij de "1" positie op de keten en is een vermelding van positie nummer niet nodig. Bijvoorbeeld HCOOH (mierenzuur) is methaanzuur, CH3COOH (azijnzuur) is ethaanzuur. Als er meerdere carboxylgroepen zijn op dezelfde keten, kan het achtervoegsel "-carbonzuur" gebruikt worden (als -dicarbonzuur, -tricarbonzuur, etc.). In deze gevallen tellen de koolstof atomen van de carboxyl groep niet als onderdeel van de alkaan keten. Hetzelfde geldt voor het voorvoegsel "carboxyl-". Citroenzuur is een voorbeeld; het heet 2-hydroxy-1,2,3-propaantricarboxonzuur, in plaats van 2-carboxy, 2-hydroxypentaandicarbonzuur. EthersEthers (R-O-R) bestaan uit een zuurstof atoom verbonden met twee koolstof ketens. De kortste van de 2 ketens wordt het eerste deel van de naam, met de "-aan" achtervoegsel gewijzigd in "-oxy", de langste alkaan keten wordt het achtervoegsel van de naam van de ether. Dus CH3OCH3 is methoxymethaan en CH3OCH2CH3 is methoxyethaan (niet ethoxymethaan). Als het zuurstof atoom niet verbonden is aan het eind van de hoofdketen van de alkaan, dan wordt de kortere alkyl-plus-ether groep behandeld als een zijketen en voorafgegaan door de positie in de hoofdketen. Dus CH3OCH(CH3)2 is 2-methoxypropaan. EstersEsters (R-CO-O-R) worden benoemd met een achtervoegsel "-oaat" achter de alkaan die verbonden is aan de carbonylgroep kant van de ester. Het voorvoegsel is de naam van de alkylgroep die is verbonden aan de andere kant van de ester. Dus HCOOCH3 (methylformiaat) is methylmethanoaat, CH3COOCH3 (methylacetaat) is methylethanoaat en HCOOCH2CH3 (ethylformiaat) is ethylmethanoaat. Als de alkylgroep niet verbonden is aan het einde van de keten, wordt de positie tussengevoegd voor de "-yl": CH3CH2C(CH3)OOCH2CH2CH3 is but-2-yl propanoaat. Amines en AmidesAmines (R-NH2) worden genoemd naar de verbonden alkaan met het achtervoegsel "-amine" (bijv. CH3NH2 methanamine). Indien nodig wordt de positie van de verbinding tussengevoegd: CH3CH3CH3NH2 propaan-1-amine, CH3CHNH2CH3 propaan-2-amine. De vorm van het voorvoegsel is "amino-". Voor secundaire amines (met de vorm R-NH-R) krijgt de langste koolstofketen die verbonden is met het stikstofatoom de primaire naam van de amine; de andere keten wordt voorgevoegd als een alkylgroep met als positievoorvoegsel een schuingeschreven N: CH3NHCH2CH3 is N-methylethaanamine. Tertiaire amines (R-NR-R) worden op dezelfde manier behandeld: CH3CH22N(CH3)CH2CH2CH3 is N-methyl-N-ethylpropaanamine. Amides (R-CO-NH2) krijgen het achtervoegsel "-amide". Er bestaat geen vorm voor een voorvoegsel en er is geen positievermelding noodzakelijk aangezien amides altijd de koolstofketen afsluiten, bijv. CH3CONH2 (acetamide) is ethaanamide. Secundaire en tertiaire amides worden op dezelfde manier behandeld als aminen: alkaanketens verbonden aan het stikstofatoom worden behandeld als substituties met als positievoorvoegsel N: HCON(CH3)2 is N,N-dimethylmethaanamide. Cyclische verbindingenCycloalkanen en aromatische verbindingen kunnen worden behandeld als de hoofdketen van de chemische stof, waarbij de positie van de substituties worden genummerd rond de ringstructuur. Bijvoorbeeld de 3 isomeren van xyleen CH3C6H4CH3, algemeen de ortho-, meta-, en para- vormen, zijn 1,2-dimethylbenzeen, 1,3-dimethylbenzeen en 1,4-dimethylbenzeen. De cyclische structuren kunnen zelf ook worden beschouwd als functionele groepen, waarbij zij het voorvoegsel "cycloalkyl-" (bijv. "cyclohexyl-") of voor benzeen, "fenyl-" krijgen. Het schema van de IUPAC nomenclatuur wordt snel erg uitgebreid voor de meer complexere structuren waardoor veel algemene namen zoals fenol, furaan, indool, etc. worden geaccepteerd als basisnamen voor chemische stoffen die daar van afgeleid zijn. Rangorde van groepenAls chemische stoffen meer dan een functionele groep bevatten, bepaalt de rangorde welke groepen als voorvoegsel of als achtervoegsel worden genoemd. De hoogste rangorde bepaalt het achtervoegsel, alle anderen worden als voorvoegsel genoemd. Echter dubbele en drievoudige banden worden alleen als achtervoegsel gebruikt, samen met de andere achtervoegsels. Voorgevoegde substituties worden op alfabetische volgorde geplaatst (inclusief de telwoorden zoals di-, tri-, etc.), bijv. chloorfluormethaan, niet fluorchloormethaan. Als er meerdere functionele groepen zijn van hetzelfde type, zowel als voorvoegsel als achtervoegsel, zijn de positie nummers oplopend (dus ethaan-1,2-diol, niet ethaan-2,1-diol.) De N positie-indicatie voor aminen en amiden komt voor "1", bijv. CH3CH(CH3)CH2NH(CH3) is N,2-dimethylpropaanamine.
Algemene nomenclatuurAlgemene nomenclatuur is een ouder systeem voor naamgeving van organische verbindingen. KetonenAlgemene namen voor ketonen kunnen worden herleid door de twee alkyl of fenyl groepen die aan de keton groep verbonden zitten te benoemen gevolgd door het woord keton.
AldehydenDe algemene naam voor een aldehyde is afgeleid van de algemene Engelse naam van het corresponderende carbonzuur door het achtervoegsel "-oic acid" te wijzigen in "-aldehyde". IonenDe IUPAC-nomenclatuur heeft ook regels voor de naamgeving van ionen. Zie hiervoor echter de Engelse omschrijving. Anorganische chemieExterne link |
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.