|
Article on other languages:
|
Leiden ( Een alternatieve naam voor de stad is De Sleutelstad, zo genoemd naar de sleutels in het stadswapen. Die verwijzen weer naar Sint Pieter, in de bijbel de apostel Petrus. Deze is de schutspatroon van Leiden en naamgever van de voornaamste kerk aldaar, de Pieterskerk. Petrus zou van Jezus de sleutels van de hemel hebben ontvangen en was daarmee in de opvatting van de Rooms-Katholieke kerk de grondlegger van het pausdom, dat wil zeggen dat hij, na de hemelvaart van Jezus, diens plaatsvervanger was op aarde, evenals de daarop volgende pausen. Vandaar dat vergelijkbare sleutels als die van Leiden voorkomen in het wapenschild van het Vaticaan).
GeschiedenisDe stad ontstond als dijkdorp aan de voet van een kunstmatige heuvel aan de samenvloeiing van de Oude en de Nieuwe Rijn. In de oudste vermelding daarvan, omstreeks 860, werd het toenmalige dorp Leithon genoemd. In de op deze heuvel gelegen burcht zetelde aanvankelijk een leenman van de bisschop van Utrecht, maar de Burcht van Leiden kwam omstreeks 1100 in handen van de graaf van Holland. In die jaren begon op de zuidelijke Rijnoever de groei van het nieuwe Leiden. De graaf bouwde er zijn hof en stichtte er een kapel, de voorloper van de huidige Pieterskerk. De gunstig gelegen nederzetting kreeg in 1266 bevestiging van de reeds eerder verleende stadsrechten en ontwikkelde zich met haar bloeiende lakennijverheid tot een van de grootste steden van het gewest Holland. De lakennijverheid was er binnengebracht door wevers uit Ieper, die in de 14e eeuw uit hun stad weggevlucht waren wegens de pest. In 1389, toen de bevolking tot ongeveer 4000 was gegroeid, moest de stad worden uitgebreid met het stadsdeel tussen Rapenburg (tevoren de zuidrand van de stad) en de Witte Singel. Een bijzonderheid van Leiden is de aanwezigheid van uitgebreid archiefmateriaal over het buurtleven en buurtorganisaties (de zogenaamde gebuurten), dankzij een vroegtijdige en onophoudelijke overheidsbemoeienis, die zelfs teruggaat tot de 14e eeuw. Dit staat in detail beschreven in het boek Buurthouden van historicus Kees Walle (Uitgeverij Ginkgo, 2005). 15e en 16e eeuwIn 1420 werd Leiden, in het kader van de Hoekse en Kabeljauwse twisten veroverd door hertog Jan van Beieren. (Zie: Beleg van Leiden (1420).) De grootste kerk van Leiden, de Pieterskerk, had aanvankelijk één van de hoogste torens van Nederland. Bij een storm is de ruim honderd meter hoge toren echter op 1 maart 1512 ingestort. De toren werd nimmer herbouwd. In 1572 koos de stad de zijde van de anti-Spaanse opstand. De Spaanse landvoogd Requesens sloeg in 1574 het beleg voor de stad. Nadat dit beleg was afgeslagen - het Leidens ontzet van 3 oktober 1574 - kreeg de stad in 1575 een universiteit, de eerste van de Noordelijke Nederlanden (zie: Universiteit Leiden). Eén van de eerste professoren was de Vlaamse humanist Justus Lipsius, die (tijdelijk) uit Leuven naar Leiden was gekomen. Hiermee betuigde stadhouder Willem van Oranje zijn erkentelijkheid aan de Leidenaren, die het beleg door de Spanjaarden hadden weerstaan, namens koning Filips II. (Dit laatste gaf blijk van een grote ironie. De tot 1580 volgehouden fictie dat de prins van Oranje "den koninck van Hispanjen altijd had geëerd", maar uitsluitend tegen diens gehate landvoogd in opstand was gekomen, diende ook om de mogelijkheid open te laten van een "verzoening" tussen opstandelingen en koning, maar dan wel op voorwaarden van de opstandelingen). Leidens ontzet wordt nog steeds jaarlijks op 3 oktober herdacht. Aanvankelijk alleen met een herdenkingsdienst in de Pieterskerk, maar sinds 1886 ook als echte feestdag. Zo eten vele Leidenaars op 2 en 3 oktober hutspot, wordt in de Waag haring en wittebrood uitgedeeld, is er een grote kermis en wordt er onder andere een optocht georganiseerd. De universiteit en haar studenten zijn sinds 1575 een dominerende factor in het stadsbeeld. 17e en 18e eeuwIn de 17e eeuw komt de stad tot grote bloei, dankzij de impuls die vluchtelingen uit Vlaanderen geven aan de textielnijverheid. De stad, die voor het beleg van 1574 ongeveer 15.000 inwoners had geteld, waarvan tijdens het beleg ongeveer een derde deel het leven had verloren, was in 1622 tot 45.000 inwoners gegroeid, terwijl omstreeks 1670 zelfs een aantal van tegen de 70.000 werd bereikt. In de Gouden Eeuw was Leiden, na Amsterdam, de grootste stad van Holland. De bevolkingsgroei maakte een aanleg van nieuwe grachten en singels noodzakelijk. Het huidige centrum van Leiden, herkenbaar aan het singelpatroon, werd in 1659 voltooid. Tegen het einde van de 16e eeuw ontwikkelde Leiden zich tot een belangrijk centrum van drukkerijen, uitgeverijen en boekhandels. De beroemde drukker Christoffel Plantijn was er enige tijd gevestigd. Eén van zijn leerlingen was Lodewijk Elsevier (1547-1617), een telg uit een beroemd uitgeversgeslacht, wiens boekhandel en drukkerij de grootste van Leiden werd. Elsevier was in 1580 uit Leuven, dat in handen van de Spanjaarden was, gevlucht. (De naam Elsevier werd enkele eeuwen later gebruikt door de grondlegger van het Elsevier-concern). In de 17e en 18e eeuw had Leiden een grote naam op het gebied van de (wetenschappelijke) uitgeverij en boekhandel. In de 18e eeuw raakt de textielnijverheid in verval. Door protectionistische maatregelen in Frankrijk was de concurrentiepositie verslechterd. Bovendien moesten de lonen relatief hoog zijn, omdat de kosten van levensonderhoud in het gewest Holland hoog waren vanwege de hoge belastingdruk. De Leidse textielondernemers gingen toen delen van het productieproces verplaatsen naar "lagelonenlanden": Twente en de omgeving van Tilburg. Het gevolg was een gestage daling van het inwonertal van Leiden, dat eind 18e eeuw tot 30.000 was gedaald en omstreeks 1815 een dieptepunt van 27.000 zou bereiken. 19e en 20e eeuw
Gevelsteen Groeneveldstichting
Op 12 januari 1807 werd de stad door een catastrofe getroffen toen een aan de noordkant van het Steenschuur aangemeerd buskruitschip ontplofte: de Leidse buskruitramp. Ongeveer 150 burgers kwamen hierbij om het leven. Koning Lodewijk Napoleon bezocht persoonlijk de stad om de hulp aan de slachtoffers te coördineren. Op de plaats van de door de ontploffing veroorzaakte "Ruïne" werden later het Van der Werffpark en het Kamerlingh Onnes Laboratorium aangelegd. In 1842 werd de voor Leiden zeer belangrijke spoorlijn naar Haarlem in gebruik genomen. In 1843 kwam de verbinding met Den Haag tot stand. In de 19e eeuw zou er enige verbetering optreden in de desolate sociaal-economische situatie, mede dankzij de spoorlijn, maar het aantal inwoners was omstreeks 1900 nog steeds niet ver boven de 50.000 opgeklommen. Pas in 1896 begon Leiden zich uit te breiden buiten de 17e eeuwse singels. Vooral na 1920 vestigden zich nieuwe industrieën in de stad, zoals de conservenindustrie (oostelijke binnenstad) en metaalindustrie (Hollandse Constructie Groep). In 1866 werd de stad getroffen door de laatste grote epidemie (cholera) die in 1868 leidde tot de start van de bouw van het nieuw Academisch Ziekenhuis (waar nu het Rijksmuseum voor Volkenkunde is gevestigd). In 1883 werd niet alleen Leiden, maar ook heel Nederland, opgeschrikt door het nieuws van de arrestatie van de Leidse gifmengster, Goeie Mie, die in enkele jaren tijd minstens 27 slachtoffers had gemaakt. In 1896 breidt Leiden uit buiten de singels door annexatie van delen van Leiderdorp, Oegstgeest en Zoeterwoude (in 1920 en 1966 volgen nieuwe grote annexaties). De eerste door Leiden nieuw gebouwde wijk in dit gebied werd de statige Burgemeesters- en Professorenwijk, ten zuiden van de Zoeterwoudsesingel. Met de bouw van deze wijk werd in 1906 begonnen. Rond 1920 werd het eerste grote sociale woningbouwproject, de wijk De Kooi, gerealiseerd. Tot groot verdriet van velen ging in de strenge winter van 1929 het stadhuis in vlammen op. Van het pand bleef alleen de gevel aan de Breestraat overeind staan. Bij toeval waren enkele kostbare schilderwerken kort voor de brand voor restauratie naar elders overgebracht en daardoor gespaard gebleven. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Leiden zwaar getroffen door geallieerde bombardementen. De omgeving van het station en de Marewijk (tegenwoordig de omgeving van het Schuttersveld en de Schipholweg) zijn vrijwel geheel met de grond gelijk gemaakt. Het huidige Leiden profileert zich vooral als een centrum van wetenschappelijke kennis en nieuwe technologie. Daarnaast speelt ook het toerisme een steeds belangrijkere rol in deze historische museumstad. Bezienswaardigheden
Oude ansicht Pieterskerk
Leiden dankt zijn bijnaam Sleutelstad aan zijn schutspatroon Sint-Pieter (Petrus), aan wie ook de voornaamste kerk is gewijd. Belangrijke bezienswaardigheden zijn:
Een qua bouwstijl belangrijk gebouw is de Marekerk (1649). Het ontwerp van deze kerk (1639) is volgens die van een koepelkerk; een achthoekige centraalbouw met banken om de kansel heen. Hoewel deze kerk tegenwoordig de oudste kerk is die in Holland voor de protestantse eredienst is gebouwd, gaat die eer eigenlijk naar de koepelkerk van Willemstad (1607), dat toentertijd bij het graafschap Holland hoorde. De kerk is ontworpen door Arent van 's-Gravesande. De ongeveer 6,5 km lange buitenste grachtengordel van Leiden (het singelpatroon) is nog geheel intact. De vroegere wallen en bolwerken dienen nu vooral als groenvoorziening. Er liggen parken, oude begraafplaatsen en de Witte Singel loopt rond de hortus botanicus en de Sterrenwacht. De Zijlsingel wordt gekarakteriseerd door het Meelfabriekcomplex dat, samen met de vroegere "Lichtfabriek" aan de Langegracht, tot de weinige overgebleven grote monumenten van het industrieel verleden van de stad behoort. Aan de zuidoostrand van de stad ligt polderpark Cronesteyn, op het terrein van voormalig Kasteel Cronesteyn. Dit park bestaat uit verschillende cultuurlandschappen en het heeft een reigersbos. Verder zijn er een bezoekerscentrum en een minicamping. Musea en cultuurLeiden herbergt een aantal belangrijke musea:
Leiden telt drie theaters. De Leidse Schouwburg op de Oude Vest, de oudste schouwburg van Nederland, geopend in 1705; de Stadsgehoorzaal aan de Breestraat en het LAK-theater. Er zijn twee bioscopen en een filmhuis:
In het kader van het project "Dicht op de Muur" heeft stichting TEGEN-BEELD 101 gedichten op evenzoveel Leidse muren afgebeeld. Het gaat om uiteenlopende gedichten in vele talen, waarmee aandacht wordt besteed aan de internationaliteit van de stad. Zie ook: BibliothekenAls boekenstad heeft Leiden een aantal belangrijke bibliotheken:
Evenementen
EconomieWinkelenEr zijn vele winkels in de binnenstad. Koopavond is op donderdag. Markten
MediaKranten
Sport en recreatieLeiden heeft enkele teams of sporters aan de landelijke top. ZZ Leiden speelt in de eredivisie van het basketbal. Leiden is daarnaast een echte watersportstad met waterpolo en wedstrijdzwemmen bij De Zijl Zwemsport en LZ 1886. Ook kan er geroeid worden bij KSRV Njord en Asopos. De rugbyers van LRC DIOK hebben al meerdere landstitels gewonnen. De Marathon van Leiden is een bekend sportevenement, dat sinds jaren in juni georganiseerd wordt. In Leiden is elk jaar een internationale atletiek wedstrijd: de Gouden Spike georganiseerd door Leiden Atletiek. Trivia over Sport en Recreatie
OnderwijsIn Leiden
Omgeving Leiden
PolitiekGemeenteraadDe uitslag van de gemeenteraadsverkiezing in 2006 was:
CollegeHet college bestond tot 10 oktober 2007 uit vier partijen: PvdA, SP, Groenlinks en ChristenUnie. De twee SP-wethouders stapten op toen besloten werd de RijnGouwelijn-Oost (RGL), ondanks andersluidende referendum-uitslag, alsnog door het stadscentrum aan te laten leggen. Op 16 oktober 2007 bleek dat de overgebleven wethouders niet gesteund werden door de gemeenteraad. Onderhandelingen nadien hebben geleid tot een nieuw college dat per 20 december 2007 is aangetreden. Het college wordt gedragen door PvdA, VVD, CDA en GroenLinks. Het college telt nu vijf wethouders:
Verkeer en vervoerLeiden is bereikbaar per trein vanaf Station De Vink, Station Leiden Centraal en Station Leiden Lammenschans. Verder is er openbaar vervoer per bus. Over de autosnelweg is Leiden bereikbaar via de A4, A44 en de N11. Uit een onderzoek in het kader van het plan de lightrailverbinding RijnGouwelijn door de binnenstad te laten lopen, bleek dat Leiden in Nederland de stad is met het meeste fietsverkeer. Zie ook de lijst van tram- en buslijnen in en door Zuid-Holland. Gezondheidszorg
Bekende personenVerschillende oude meesters hebben banden met Leiden. Zo werden Rembrandt, Jan Steen,Gerrit Dou, en Frans van Mieris de Oudere in Leiden geboren. Allen waren lange tijd werkzaam en zijn -op Rembrandt na- ook in Leiden gestorven. Drie eeuwen later, in 1917, richtte Theo van Doesburg in Leiden samen met o.a. Mondriaan en J.J.P. Oud het tijdschrift De Stijl op, dat van grote invloed zou zijn op de 20e-eeuwse kunst en architectuur. Op 26 augustus 1910 maakten de beroemde Oostenrijkse componist Gustav Mahler en psychoanalyticus Sigmund Freud een gedenkwaardige wandeling door de binnenstad van Leiden. Uit de wetenschap zijn een aantal belangrijke namen verbonden met Leiden. In de 16e en 17e eeuw was de universiteit van Leiden namelijk één van de grootste en meest toonaangevende in Europa. Beroemde wetenschappers uit die tijd trokken naar Leiden, zoals Justus Lipsius, Sebald Justinus Brugmans, Carolus Clusius, Constantijn Huygens en René Descartes. Herman Boerhaave doceerde aan de Universiteit Leiden en verrichtte er onderzoek. Heike Kamerlingh Onnes had een laboratorium in Leiden, waarin hij onderzoek deed, wat hem uiteindelijk in 1913 een Nobelprijs opleverde. Ook de Nobel-laureaten Hendrik Lorentz, Pieter Zeeman (beide natuurkunde) en Willem Einthoven (fysiologie/geneeskunde) waren verbonden aan de Leidse Universiteit. De bekende botanicus Nicolaas Meerburgh werd in Leiden geboren en was hortulanus van de Hortus Botanicus Leiden. Een aantal (voormalige) leden van het Nederlandse koninklijk huis studeerde aan de Leidse Universiteit en enkele van hen ontvingen er een eredoctoraat. Veel schrijvers waren of zijn nog steeds in Leiden actief; zoals: Willem Bilderdijk, Jacob van Lennep, Nicolaas Beets (Hildebrand), Piet Paaltjens, Albert Verweij, J.C. Bloem, Boudewijn Büch, Jan Wolkers, Rudy Kousbroek, Sarah Hart, Frédéric Bastet, Maarten Biesheuvel, Maarten 't Hart, F.B. Hotz, Frits van Oostrom, Ad Verbrugge, Tomas Lieske, Willem Otterspeer, Ilja Leonard Pfeijffer, Eric van Hoof, Christiaan Weijts en Abdelkader Benali. LeidenarenFoto's
Partnersteden
Zie ookExterne links
More about Leiden: 5 factor leiden, leiden university, des die jungen leiden werthers, hotel leiden, factor leiden mutation v, factor five leiden, leiden netherlands, leiden universiteit, leiden museum, |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.