|
Article on other languages:
|
Een rasterelektronenmicroscoop (Engels: SEM) afbeelding van een menselijke lymfocyt.
Een lymfocyt is een type witte bloedcel die in het rode beenmerg wordt gevormd uit een lymfoïde voorlopercel en rijpt in de lymfoïde organen. Bij observatie onder de lichtmicroscoop zijn er grote en kleine lymfocyten te onderscheiden. De meeste grote lymfocyten (niet alle) staan bekend als de Natural killer cellen. De kleine lymfocyten zijn de T-lymfocyten en de B-lymfocyten. Lymfocyten spelen een belangrijke rol in het verworven immuunsysteem, en het falen van dit systeem kan ernstige consequenties tot gevolg hebben. (bijvoorbeeld Hiv en Leukemie) Een menselijk lichaam bevat gemiddeld 1012 lymfoïde cellen, al dit lymfoïde weefsel bij elkaar staat gelijk aan ongeveer 2% van het lichaamsgewicht.
Verschillende type lymfocytenLymfocyten zijn in 3 soorten te verdelen: T-lymfocyten (ook wel T-cellen), B-lymfocyten (ook wel B-cellen) en Natural Killer Cellen ( ook wel NK-cellen). NK-cellen zijn een unieke groep van cellen in het immuunsysteem, actief in het lymfe en bloed, die zorgen voor een snelle reactie op bijvoorbeeld kanker cellen of virus geïnfecteerde cellen, nog voordat het verworven immuunsysteem in actie komt. NK-cellen onderscheiden geïnfecteerde cellen en tumoren van gezonde cellen door te kijken naar het molecuul genaamd MHC (Major histocompatibility complex), Klasse 1. Als dit molecuul niet aanwezig is op een cel (of niet als dusdanig herkend wordt) zal de NK-cel cytotoxinen (onder andere perforines) uitscheiden. Perforines zorgen ervoor dat er gaten in het celmembraan ontstaan waardoor de cel desintegreert (lysis). T en B-lymfocyten vormen een belangrijk onderdeel van het specifieke immuunsysteem. T-lymfocyten zijn betrokken bij de cellulaire immuunrespons, B-lymfocyten zijn voornamelijk verantwoordelijk voor de humorale immuunrespons. De functie van T en B-lymfocyten bestaat uit het herkennen van "niet lichaamseigen" antigenen. B-lymfocyten kunnen zelfstandig antigenen herkennen, dit in tegenstelling tot T-lymfocyten. T-lymfocyten kunnen alleen antigenen herkennen als de antigenen als het ware "gepresenteerd" worden aan de T-lymfocyt, dit proces heet antigeen presentatie. Als de indringer eenmalig geïdentificeerd is, hebben T en B-lymfocyten elk een eigen manier om deze te vernietigen. B-Lymfocyten produceren grote hoeveelheden immunoglobulines (ook wel antistoffen genoemd), deze antistoffen maken de doelwitcellen zoals bacteriën en virussen duidelijk herkenbaar voor fagocyten, en belemmeren ze in hun functie. Ontwikkeling lymfocytenLymfocyten worden gevormd in het rode beenmerg. Dit proces wordt hematopoëse genoemd.. Lymfoïde ziektenBij een bloedonderzoek is één van de vaste onderdelen een telling van het aantal lymfocyten, en dit wordt uitdrukt in het percentage lymfocyten t.o.v. het totaal aantal witte bloedcellen. Een verhoging van lymfocyten is meestal een teken van een virale infectie (soms kan dit beeld ook door leukemie veroorzaakt worden). Een daling in het aantal lymfocyten kan bijvoorbeeld de oorzaak zijn van een besmetting met het Human Immunodeficiency Virus (hiv). HIV tast de werking van CD4+ aan en vernietigt zo T-lymfocyten. Zonder T-lymfocyten valt een belangrijk deel van het menselijk immuunsysteem uit, en is het lichaam vatbaar voor opportunistische infecties. ReferentiesMarieb, Elaine Nicpon;, Human Anatomy & Physiology / Elaine M. Marieb. 6th Edition. Pearson Education, Inc.. ISBN 0-8053-5462-X, 2004 -- hoofdstuk 21 "The Immune System: Innate and Adaptive Body Defenses" Zie ook: Immuunsysteem |
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.