|
Article on other languages:
|
Myceens is een Oudgrieks dialect dat rond 1250 v.Chr. werd gesproken in de Myceense beschaving. Het bronnenmateriaal - enige duizenden door verwoesting vaak gebroken en bij brand gebakken kleitabletten - is beperkt en de kennis van deze taal is dan ook onvolledig. De kleitabletten zijn beschreven met het Lineair B schrift.
SchriftDit syllabaire schrift, dat in gewijzigde vorm op Cyprus in gebruik is gebleven zelfs nadat het Griekse alfabet in zwang raakte, leent zich slecht om Grieks te noteren. Het schrift is als volgt opgebouwd:
De latere Griekse letters xi (= kh + s) en psi (= ph + s) worden als afzonderlijke medeklinkers genoteerd. Dit geldt ook voor medeklinkercombinaties zoals kt-, sk-, tr-, st- en dergelijke. Bijzonder zijn de reeksen J-, Q- en W-. De J- moet niet verward worden met de Griekse u psilon, maar vertegenwoordigt een y-achtige klank die o.m. in de genetivus -oio (Myceens: -o-jo) gehoord wordt; het Griekse woord basileus (koning) komt op Myceense kleitabletten voor als qa-si-re-u (de slot-s wordt niet gespeld) en zal ongeveer als gwasileus geklonken hebben. Het woordje "-te" wordt in het Myceens gespeld -qe (kwe); men herkent hierin het Latijnse -que. De letter wau (digamma) was in het klassieke Grieks al niet meer in gebruik. Het woord oinos (wijn) wordt in het Myceens gespeld als wo-no en klonk als woinos (de i in tweeklanken werd niet gespeld). Een bekende term uit Homerus, anax (vorst, leider), komt op de tabletten voor als wa-na-ka, uitgesproken wanax (Myceense koning). Namen van goden en mensena-re (Ares) Plaatsnamenpu-ro (Pylos: belangrijke vindplaats van Myceense kleitabletten) Diverse woordena-ko-ra (agorâ: marktplaats) externe links
|
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.