Paleontologie

Article on other languages:

del.icio.us del.icio.us
Digg Digg
Furl Furl
Reddit Reddit
Rojo Rojo
Add to OnlyWire
Een paleontoloog tikt voorzichtig gesteente weg uit een wervelkolom van een fossiele dinosauriër.

Paleontologie (Grieks: παλαιός (palaios): oud) is de wetenschap die de ontwikkeling van het leven op onze planeet in het geologisch verleden, gebaseerd op alle fossiele resten of sporen van planten en dieren, (o.a: dinosauriërs) bestudeert. De paleontologie omvat tevens het bestuderen van de afstamming en verwantschap van uitgestorven soorten met nu levende organismen, hun leefomgeving (paleomilieu) en de chronologie van de geologische geschiedenis van de Aarde.

De paleontologie is een zéér veelzijdige en gecompliceerde exacte wetenschap, die behoort tot de aardwetenschappen.

Paleontologen krijgen bij hun werk te maken met talloze andere vakgebieden, zoals: geologie, archeologie, chemie, biologie, fysica en astronomie. Zonder enige kennis van al deze wetenschappen zou paleontologie bedrijven nagenoeg onmogelijk zijn.

Paleontologen verrichten zowel praktisch veldwerk (opgravingen, expedities etc.) als theoretisch, natuurwetenschappelijk onderzoek in laboratoria (zoals het determineren en dateren van fossielen). Door deze veelzijdigheid wordt de paleontologie volgens velen beschouwd als de meest complete en breedste natuurwetenschap; die talloze andere wetenschappen met elkaar verbindt. (Paleontologie zelf bestaat ook weer uit een aantal subdisciplines).

Naast geheel of gedeeltelijk bewaard gebleven fossiele organismen worden ook de sporen van organismen bestudeerd. Onder 'sporen' wordt alles verstaan wat een organisme, zowel actief als passief, maakt of achterlaat. Hieronder vallen graafgangen, kruipsporen, boorgaten, pootafdrukken, holen, nesten, coprolieten (uitwerpselen), enzovoorts. Tezamen worden dit ichnofossielen genoemd. De studie die zich hierop toelegt is de ichnologie.

Fossiele cephalopoden

Inhoud

Fossielen

Zie fossiel voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Een bewaard gebleven overblijfsel van leven wordt een fossiel genoemd. Hoe fossielen ontstaan en bewaard blijven wordt bestudeerd door de tafonomie.

De paleobotanie legt zich toe op fossiele planten en de paleozoölogie op dierlijk leven. Deze vakgebieden zijn weer ingedeeld op welke groep organismen bestudeerd wordt, zo is malacologie het bestuderen van fossiele weekdieren.

Toepassingen van fossielen

Datering en stratigrafie

Zie stratigrafie, biostratigrafie en geschiedenis van de Aarde voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

De paleontologie draagt in belangrijke mate bij aan de geologische datering van aardlagen. In de 19e en het grootste deel van de 20e eeuw was het daartoe ook de belangrijkste bron. In de tweede helft van de 20e eeuw is deze rol gedeeltelijk overgenomen door de mogelijkheid om absolute ouderdomsbepalingen aan aardlagen (of fossielen) te doen en door andere chemische en fysische methoden. De bijdrage van de paleontologie aan ouderdomsbepaling is echter nog steeds groot.

Het indelen van aardlagen op de erin voorkomende fossielen wordt biostratigrafie genoemd.

Paleoecologie

Paleoecologie is het bestuderen van fossielen ten behoeve van de reconstructe van het voormalige milieu en het klimaat (Zie ook paleomilieu en ecosystemen) waarin een aardlaag is afgezet. Biogeologie is de studie van de wederzijdse beïnvloeding van de biosfeer en de lithosfeer.

Evolutietheorie

Door de vergelijking van fossielen kan de evolutie van een bepaalde soort nauwkeurig in kaart gebracht worden. Dit kan informatie opleveren over de manier waarop evolutie van soorten plaatsvindt. De verschillende theorieën en hypothesen hierover worden samen de evolutietheorie genoemd. De wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van evolutie en de mechanismen waarmee dit plaatsvindt is de evolutiebiologie.

Externe links


Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:
  • (en) Bates, R.L., Jackson, J.A. (eds.), 1980. Glossary of Geology. American Geological Institute, Falls Church, Virginia. 751 pp. ISBN 0-913312-15-0; [2e druk]
  • (en) Visser, W.A. (ed.), 1980. Geological nomenclature. Royal Geological and Mining Society of the Netherlands. Bohn, Scheltema & Holkema, Utrecht, 540 pp. ISBN 90-313-0407-7.


 

This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.