Roos (plant)

Article on other languages:

del.icio.us del.icio.us
Digg Digg
Furl Furl
Reddit Reddit
Rojo Rojo
Add to OnlyWire

Rozen zijn planten die tot het geslacht Rosa behoren. Er komen ongeveer 300 soorten in het wild voor. Daarnaast bestaan er vele cultivars. De vrucht van de roos heet rozenbottel.

Inhoud

Geschiedenis

Rozen worden al sinds eeuwen bejubeld om hun schoonheid. Al duizenden jaren geleden werden bepaalde soorten geteeld in China en Afrika. De Grieken, Romeinen en Egyptenaars waren allen bekend met de roos en gebruikten ze voor rituelen en er werden tempels en paleizen mee versierd.

Joséphine de Beauharnais, de echtgenote van Napoleon Bonaparte richte bij haar huis Malmaison een rozentuin in waarin alle destijds bekende rozen stonden. Tijdens de 18e en de 19e eeuw ontstonden er naar aanleiding van dit voorbeeld vele rosaria (enkelvoud; rosarium). Deze pronktuinen stonden vol met allerlei rozensoorten. Als gevolg van de hoge kosten voor het onderhoud is er na de jaren 30 langzaam een einde gekomen aan deze rozencollecties.

Vroeger werden uitsluitend wilde rozensoorten gehouden, met name Rosa gallica, die van nature zeer variabel van verschijning is. Hier kwam omstreeks 1800 verandering in met de invoering van de Rosa chinensis, die een langere bloeitijd had dan de tot dan toe bekende soorten. Er werden nieuwe variëteiten gekweekt die deze gunstige eigenschap overnamen en zo ontstonden de eerste hybriden.

Aan het eind van de 19e eeuw waren er vele variëteiten ontstaan van gevuldbloemige rozen, theehybriden en andere soorten. Ook ontstonden er treurrozen, rozen op een stam, klimrozen, dwergrozen en bodembedekkende varianten.

Tegenwoordig zijn er zo veel verschillende gekweekte variëteiten ontstaan, dat het steeds moeilijker wordt de planten te groeperen. Er is zo veel gekruist dat de groepen door allerlei overgangen met elkaar zijn verbonden.

Leefomgeving

Rozen groeien uitsluitend op het noordelijk halfrond, voornamelijk in gematigde streken. Door deze oorspronkelijke rozen te veredelen, zijn vele nieuwe varianten ontstaan die ook in warme gebieden goed kunnen gedijen.

Wilde rozensoorten groeien op ruig terrein en zijn goed bestand tegen barre weersomstandigheden. Deze sterke, taaie planten zijn daardoor populaire planten voor in (wilde) tuinen, windsingels en parken.

Ook in Nederland komen diverse rozensoorten in het wild voor. Van deze wilde soorten zijn de hondsroos (Rosa canina) en duinroos (Rosa pimpinellifolia) de bekendste.

Eigenschappen

Het blad van de roos bestaat uit een aantal kleinere blaadjes, die samen als een veer aan een centrale stengel zijn bevestigd. Op de takken en stengels zitten stekels. De bloemen zitten vaak in groepen of trossen, soms alleenstaand. Deze bevatten veel meeldraden.

De rozenbottel is een vlezige vrucht die afhankelijk van de variëteit oranje, purper, rood of zwart van kleur kan zijn. De vorm varieert van rond, langwerpig tot flesvormig. Binnen in de bottel zitten diverse geelwitte, harde zaden.

Kweek

Rozenbottels

Rozen zijn over het algemeen niet zeer moeilijk te verzorgen. Belangrijk is dat het planten in het voor- of najaar gebeurt, tussen november en maart, maar niet tijdens vorst. De grond waarop rozen staan dient goed doorlatend te zijn, om te voorkomen dat de planten in te veel water komen te staan. Met name in de winter leidt dit tot ongewenste resultaten.

Andere vereisten zijn een zeer lichte plek (7 uur zonlicht per dag) en genoeg beschutting tegen de wind. Meestal zijn wilde rozen iets minder veeleisend dan hun gecultiveerde tegenhangers.

Een vruchtbare grond werkt positief, zo mogelijk lichte kleigrond. Rozen zijn erg gevoelig voor droge grond. Daarom moeten er tijdens perioden van droogte water gegeven worden.

Rozen kunnen worden gezaaid, gestekt en geoculeerd. Het zijn geschikte snijbloemen.

Ziekten en beschadigingen

Sterroetdauw bij Zéphirine Drouin

Rozen kunnen o.a. aangetast worden door aaltjes en de schimmels sterroetdauw (Diplocarpon rosae), echte meeldauw (Sphaerotheca pannosa var. pannosa) en valse meeldauw of zwart genoemd (Pseudoperonospora sparsa).
Een aftreksel van de paardenstaart wordt gebruikt om de schimmelaantasting echte meeldauw bij rozen te voorkomen. Hiervoor worden deze iedere 7 dagen bespoten met het aftreksel. Dit wordt gemaakt door 20 gram paardenstaart in een liter water te koken gedurende een half uur. Daarna moet het twee dagen trekken en ook gezeefd worden. Tot slot moet 1 deel van dit aftreksel worden toegevoegd aan vier delen schoon water.[1]

Toepassingen

Sommige rozen hebben een aangename geur, bijvoorbeeld Rosa gallica, Rosa ×alba, Rosa damascena en Rosa centifolia. Voor de parfumindustrie zijn deze soorten van belang.

Rosa gallica is daarnaast van belang voor de farmaceutische industrie. De bloemblaadjes leveren diverse stoffen die voor medicinale doeleinden van belang zijn.

Van de vrucht van de roos, de rozenbottel, wordt rozenbotteljam bereid. Deze jam is rijk aan vitamine C. Voor de bereiding van rozenbotteljam worden vooral de vruchten van de hondsroos (Rosa canina gebruikt).

Soorten

Met het verschijnen van de Standaardlijst van de Nederlandse flora 2003 zijn drie rozensoorten opgesplitst. Hierdoor is meer overeenstemming bereikt met de Flora Europaea en zijn dertien nieuwe soorten toegevoegd. De soorten zijn hieronder aangeduid met "afgesplitst van ... 2003".

Nederlandse soorten

Overige soorten

  • Rosa acicularis
  • Rosa blanda
  • Rosa carolina
  • Rosa cinnamomea
  • Rosa eglanteria
  • Rosa multiflora
  • Rosa nitida
  • Rosa palustris
  • Rosa setigera
  • Rosa virginiana
  • Rosa wichuriana

De snijbloem roos (Rosa)

Een roos is ook een snijbloem. Misschien wel het visitiekaartje van Nederland op het gebied van land- en tuinbouw.

De roos is er in vele soorten, maten, lengten en kleuren. Hoeveel soorten rozen er zijn is niet bekend? De schatting is tussen de 2400 en 2600. Er komen jaarlijks nog vele soorten bij van bedrijven die daar gespecialiseerd in zijn. De zogenaamde veredelaars.

Enkele rassen

  • rood grootbloemig: Grand Prix, Tinto, Passion, Red Naomi, Bordeaux, Pole position, Red berlin, First red.
  • rood kleinbloemig: Pascha, Sascha, Red calypso, Red sher.
  • Wit grootbloemig: Akito, Purity, Boeing, Avalanche+, Bounty, Casablanca.
  • Wit kleinbloemig: Eskimo, White sher.
  • Geel: Tara, Ilios, sphinx, sphinx gold, jade, frisco, sunbeam.
  • rose: kiss, ballet, pinky sher, n-joy, gilmore girl.
  • rose grootbloemig: Aqua!, Bling Bling
  • oranje: Cirkus, kerio+, bibi, marie-claire.
  • bi-color(meerdere kleuren per bloem): duett, Irina Janna Black beauty, abrakadabra.

Symboliek van de kleur van de roos

* rode roos- Ik hou van je, of verliefd op je. Liefde en respect. In de knop, staat voor puur en liefdevol (soms geheim). In volle bloei, staat voor volwassen liefde. dieprode kleur roos, staat voor: ik wil je (verlangen) of (huwelijks)aanzoek.

* witte roos- Heb vertrouwen in me. De roos staat voor echte liefde en geestelijke puurheid en waardigheid ten aanzien van elkaar. Een half open roos, staan met mate voor afhankelijkheid of onderdanigheid.

* witte en rode roos samen- Wens om altijd samen te zijn, vormen van een eenheid en verbondenheid hebben.

* roze roos- mijn hart behoort aan jou of ik heb je heimelijk lief. In volle bloei, staat het voor het geloven in elkaar. Donker roze roos, symboliseert dankbaarheid.

* gele roos- Staat voor intieme vriendschap en verbondenheid. Net geopende roos, staat voor de vraag of de ontvanger nog van je houdt. In volle bloei, staat voor jaloezie of verlangen iemand terug te krijgen.

* blauwe roos- goddelijke liefde

* Zwarte roos- Een zwarte roos symboliseert afscheid. In de knop, staat dit voor een definitief afscheid. In volle bloei. zal het afscheid minder definitief zijn.

Fotogalerij

Externe links

Referenties

  1. ^ Nijkamp J., Rook R., Slijper H. en Zweers K. (1976). De 12 maanden van het jaar. Utrecht/Antwerpen: Het Spectrum.

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:
  • Wijlen, Ing. A. van. Grote Tuinplanten Encyclopedie, Zuid-Nederlandse Uitgeverij Aartselaar, 1980.
 

This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.