|
Article on other languages:
|
De Wolfsklauwfamilie (Lycopodiaceae) is enigszins een enigma, een relict uit vroeger tijden. Het hoort tot de "lagere planten" die zich niet vermeerderen door middel van zaad, maar door sporen. De wolfsklauwen hebben sporendoosjes, die afzonderlijk op de bladvoetjes van de blaadjes zitten. Deze blaadjes vormen aan de top van de stengels een soort aar. Niet alle stengels zijn echter vruchtbaar. Wolfsklauwen hebben minder grote bladeren dan varens. Het is een kleine familie. In Nederland komen, volgens Heukels' flora van Nederland, vijf vertegenwoordigers van deze familie voor, verdeeld over drie geslachten: Soorten, alle vijf staan op de Nederlandse Rode Lijst van planten:
In het Carboontijdperk vormden de wolfsklauwachtigen een veel belangrijker deel van de vegetatie dan thans. Sommige wolfsklauwen (zoals de zegelboom) bereikten toen boomgrootte. Toepassingen
Andere soorten
|
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.